Waarom deze blog?

Toen ik in het inmiddels verre 2015 naar Nederland verhuisde, had ik echt nog geen flauw idee hoe ik mijn weg moest vinden in de Nederlandse eetcultuur.

Jonge Italianen waren er destijds trouwens nauwelijks in Den Haag. De Italiaanse “community” bestond toen vooral uit landgenoten die in de jaren ’60 waren geëmigreerd en een handjevol specialisten met een familie.

Tijdens mijn studie waren we 4 Italianen op de maar liefst 500 studenten. Een van onze professoren liet destijds zelfs weten dat hij verbaasd was over de ‘groeiende aanwezigheid’ van Italianen. Gek, he?

Toen ik een paar jaar later afstudeerde, was het aantal Italianen al zeker vertienvoudigd, zo niet meer.

De échte ommekeer kwam toen ik naar Hilversum verhuisde om bij een grote multinational te gaan werken. Ineens struikelde je over de Italianen, en de meesten waren nog maar net in het land.

En tja, als rasechte Zuid-Europeanen gaan onze vurigste discussies natuurlijk áltijd over eten. Waar kun je nou écht lekker eten in Nederland of in Het Gooi? Wat is satésaus in hemelsnaam? En heb je het überhaupt al eens durven proeven? Dat soort werk.

Dankzij deze bubbel ben ik op culinaire ontdekkingstocht gegaan; lekker overal hotspots testen om te zien waar het eten écht goed is en waar ik zeker nog eens terug wil komen.

Inmiddels is de Italiaanse gemeenschap groter dan ooit. Van kleine dorpjes tot de grote steden: er gaat geen dag voorbij of ik hoor wel Italiaans op straat. En het leuke is dat sommigen van hen al die culinaire pareltjes hiernaartoe halen: van cicchetti en supplì tot de heerlijkste taarten.

Onze gewoontes beginnen de Nederlanders zelf inmiddels zelfs een beetje te beïnvloeden.

Maar goed, genoeg gekletst, tijd voor actie!

Plura sequentur!

Comments

Leave a comment